is toegevoegd aan uw favorieten.

Landbouwkundig tijdschrift; maandblad van het Nederlandsch Genootschap voor Landbouwwetenschap, jrg 50, 1938, no 617, 1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van 12.78 voor 1 gr Na-permutiet, die 3.24 m.e. Na+ in uitwisselbare vorm bevat, een alkalische adsorptie (13) van 0.34 m.e. Na+, dit is ruim 10 % van 3.24 m.e.

Eenige beschouwingen met betrekking tot den grond. Wij hebben gezien, dat voor de vastlegging van het PO-ion aan permutiet noodig is een H-permutiet, omdat dit instabiel is en voor een meer of minder groot gedeelte, afhankelijk van de zuurgraad, niet als zoodanig blijft bestaan, waardoor Al-ionen beschikbaar komen ter vorming van AIPCK Aan het oppervlak van het anorganisch bodemcomplex mogen wij analoge reacties verwachten. De proeven hieromtrent gedaan door Mattson met H-klei toonen een dalende P04-adsorptie aan, wanneer genoemde onderzoeker de pH opvoert door middel van stijgende hoeveelheden NHS. Vanzelfsprekend wordt de vastlegging van de PO4-ionen veel grooter, wanneer in plaats van het colloidale bodemcomplex hetzelfde beschikbaar zou zijn inde vorm van gehydrateerd, dus actief, Fe- en Al-oxyde. Vooral in tropische gronden, die meerendeels een zure reactie vertoonen en welke dus betrekkelijk weinig fosforzuur kunnen vastleggen inde vorm van onoplosbare Ca-verbindingen, is dit een gevaar bij fosfaatbemesting. Immers de verhouding Sio2/R203 van de meeste tropische gronden is lager dan die van de gronden uit de gematigde luchtstreken. Bij veroudering, door dehydratie, van de gevormde Fe- en Al-fosfaten (29) worden de PO-ionen dezer verbindingen praktisch ontoegankelijk voor de micro- en macro flora. In het algemeen is voor tropische gronden een bemesting met primair Ca-fosfaat dan ook af te keuren. In verband hiermede is een publicatie van Spencer en Stewart (25) interessant. Deze onderzoekers maken onderscheid tusschen het chemisch- en het plaatselijk ontoegankelijk zijn van het fosforzuur voor de plantenwortels. Dit laatste doelt op het algemeen bekende verschijnsel, dat de fosfaatverbindingen meerendeels zich bevinden inde bovenste lagen van de bouwvoor. Spencer en Stewart hebben percolatie proeven genomen o.a. met Ca-glycero-fosfaat. Deze ester kan in waterige opl. ongehinderd langs gehydrateerde Fe- en Al-oxyddeeltjes vloeien en dus dieper inde bodem indringen; na geleidelijke mineralisatie door microben komt het fosforzuur dan ter beschikking van de hoogere planten. Op deze wijze zou het percentage, dat vaneen gegeven P-meststof voor de planten verloren gaat, veel kleiner kunnen worden. Stoklasa (26) heeft in 1911 reeds gewezen op het belang van het organisch gebonden fosforzuur inde grond. Het percentage fosforzuur, dat inde grond organisch rouleert, moet zoo hoog mogelijk worden opgevoerd. De laatste jaren begint men het belang van deze quaesties meer en meer in te zien (3,12). Krügel en Dreyspring bepalen colorometrisch het fosforzuur ineen extract, dat zij verkrijgen door grond te schudden met een Mg(HC03)2 buffer opl. van pH 7.0 (10). Op deze wijze zijn door hen grondmonsters van proefvelden in Nederland onderzocht, die alleen hierin verschilden, dat wel en niet groenbemesters waren ondergeploegd (11). Uit de verkregen cijfers concludeerden deze onderzoekers 0.a., dat groenbemesting een minder geprononceerde ver-

792