is toegevoegd aan je favorieten.

De Minang Kabausche nagari

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II. Nan IV 1 Bödi 2 Tjatiiagó

3 Si Pandjang 4 Singkoeang

III. Nan V. 1 Djamba* 2 Patapang

3 Koeti anjie 4 Salo

o Banoe Hampoe

IV. Nan VI oatbreekt.

Nagari Koto Lawèh, loehak Limopoeloeli

I. Nan IX. evenals te Soeliki

II. Nan IV. I. Malajoe 2 Mandahilieng

3 Béndang 4 Kampai

III. Nan V. avenals te Soeliki

IV. Nan VI 1 Bodi 2 Tj

1 Bod' a 2 TJaniag° o »/ / /

3 Mandaliko . 4 Soemagè'; ty-(^ j dsHt**

5 Si Pandjang 6 Singkoeang

Aantoekeningen. a. Aan het hoofd van elke soekoe staat een pang-

hoeloe kaampè5 soekoe; in Soeliki zijn er dus slecht» drie; alleen de panghoeloe kaampè5 soekoe heeft drie adatbijstanden (bl.JsJ.); de IV djinih bestaat dus uit zoovele malen vier personen als er soekoe's zijn.

b. aan het hoofd van elke kam poeang (hier: soekoe-

deel) staat een panghoeloe kampoeaug;

c. in elke kampoeng heeft men verder soms één, gewoonlijk verscheidene kapalo paroei%;

d. een poetjoea' staat in elke nagari naast de panghoeloe kaampè5 soekoe.

e. de hier genoemde soekoe's zijn verzamelingen van karnpoeng's die elders soekoe heeten of soekoe kètë",

f. Nan IX enz. is een verkorting van oerang nan

IX of ninie4 nan IX, de negen ninik's van de negen karnpoeng's (elders soekoe); men vindt de uitdrukkiug

in haar gehwel o.a. in Goegoea5: soekoe Tandjoeang, oerang nan IX;

g. de nan IV van Soeliki vindt men weer in de nan VI van Koto Lawèh;