Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

r< 99 y

„ recht van den Onderger. onwederlegbaar wordff ,, beveftigd, om te moeten prorefteeren tegen da

„ Applicatie van üwlieder Decreet van 23 Juni]

,, op zijn fujet.

,1 Dan, de Onderget. op gifteren geïnformeerd

„ zijnde, dut ook de Raad fuftineerde op deeze

,, Memorie niet te kunnen delibereeren, zeeerd.

de nadere aanfehrijving van het Provintiaal „ Committé van Hólland , oordeelde nu niet

-,, langer te moogen uitftellen , om , ingevolge

„ zijne gedaane mondelinge en fchrittelijke pro«

tellen, zich te adresfeeren aan üwlieder Ver,, gadéring, als de boogfte geconftiaie-:rde magt, ,, om door deeze Memorie ten ernftigften te

„ dolceren daar over. dat de Raad (fidva venta.)

geene genoegzname notitie fchijnt genoomen te 1 ,, hebben van zijne voornaamfte gezegdens ter|

5, tij.ie zijner comparitie voor den/.elven op

,, Maandag den iSJen Julij: en nog meer over?

„ de verkeerde opvatting en coucheering zijner

,, antwoorden, als behelsden die eene zveigering

of Yeftrict'ia, welks woorden de Onderger. „ nier. alleen nimmer heeft gebruikt, of naar de

,, cphaérentle der zaaken heeft hunnen gebruiken,

,, nemaar tegen welke, als ftrijdig met zijne uk'

,, alle fttikken b'lijkbaare intentie, de Onderger.

„ meermaal e;> rondelijk heeft geprotefteerd.

Op alle welke gronden de Onderget. bij ,, Ülieden , hebbende het hoogfte Provintiaal

,, lïeftuur van Holland, wel expresfelijk doleert,

„ tegen de Applicatie van üwlieder Decreet van

,, 23 Junij op zijnen perfoon , bij Refol. van

,, den Raai der Gemeente van Rotterdam., in'

,, dato ril Julij , tot interdictie in de waarnee-'

,, mitfg zijner Functien , en bij de daar op ge-

,, gronde aanfehrijving van het Provintiaal Com-

,, niit!é van Holland, in dato 11 julij. houdende

deeze interdictie voor eene fy.iaale Dimisfie. ., En hier mede meent de Onderget. zoo kort

., en klaar hem moogelijkis, voldaan te hebben

., aan zijn eerfte ftuk. en cpgegeeven te hebben

,, eene waarachtige hiftoria facti, uit welke gij-

„ lieden , Mëdéburaefs! over den geheelen toeGa drajft

Sluiten