Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

104 III. AFDEELING.

Iyderen zyner leere, tot aan zyne wederkomst , heeft aanbevolen, is, het houden van het nachtmaal. — Dit gebruik heiraat daarin: dat de vohvasfen Christenen, die den inhoud der leere van Jefus, door ontfangene ondervvyzing, reeds kennen, in het openbaar te famen komen, en gemeenfchaplyk, ter gedachtenis van z}men dood, brood en wyn genieten, zoals Hy het beide, onder zyne onmiddelbaare jongeren, des avonds vóór zynen dood, ter genietinge heeft uitgedeeld.

De gefchiedcnis der inftelling des nachtmaals is breedvoerig by Matth. 26.26— 30. Mare. 14. 22 — 26. Luc. 22. 19. 20. na te leezen. Paulus drukt zich, j Cor. 11. 23 — 26. aldus daarover uit: De Heere Jefus, in den nacht, in welken hy verraden wiert, nam het broot: Ende als hy gedanckt hadde, brack hy het: ende feyde, Nemet, Etet: dat is myn lighaem, dat voor u gebroken wort: doet dat tot myner gedachtenisfe. Desgelycks [nam] hy oock den drinckbeker na 't eten des Avontmaels, ende feyde, defe drinckbeker is het Nieuwe Testament in mynen bloede. Doet dat, foo dickwils als gy \dien] fult drincken,tot myner gedachtenisfe.

Want

Sluiten