is toegevoegd aan je favorieten.

Verhandelingen, raakende den natuurlyken en geopenbaarden godsdienst, uitgegeeven door Teyler's godgeleerd genootschap.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IQÖ BRONNEN VAN MENSCHLYKE KENNIS

den van een éénig God of eerfte en éénige Opperfte Oorzaak der dingen, en de laatstgenoemden ook hun denkbeeld van de onfterflykheid der ziele, door de Rede alléén, zonder behulp van eenig regtftreekfcher Godlyk onderwys bekomen hebben. Maar is dat zo ? Kan dit met grond heweezen worden % Uit de befchouwing van het vermogen der Rede , zo als het zig by de ontwikkeling van elk Mensch openbaart, in de voorige Afdeeling van dit Hoofdftuk, blykt veel eer dat zulks onmooglyk is. De vraag is, derhalve ;. dewyl zy evenwel niet. onder de Mofaifche noch Christelyke bedeeling leefden, hoe zyn ze dan aan zulke Godsdienftige denkbeelden, aan de kennis dier gewigtige waarheden gekomen ? Men kan uit de Heidenfche gefchiedenisfen niet anders ontdekken, dan dat eenigen van hun die denkbeelden hadden, en eenige volgenden dezelven door het onderwys der voorigen deelagtig geworden zyn. Deeze laaten ons, derhalve, geheel in het onzekere. 'Er blyft dan voor ons niet anders ter nafpooring daar omtrend over, dan de gefchiedenis der Jooden, inzonderheid die van hunnen eerften en oudften Gefchiedfchryver moses. Dewyl daar in de oorfprong der Godsdienftige kennis onder het Menschdom opgegeeven wordt, en de onmoogtykheid, om dezelve door de Rede alléén, of op eene andere wyze dan deeze gefchiedverhaalen ons opgeeven, reeds alvoorens beweezen zynde zo behooren wy. ook niet meer huiverig