is toegevoegd aan je favorieten.

Werken van J. A. Alberdingk Thijm

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

294

DE KOMPOZITIE

middelen aardsche zijn. Van daar, dat de meeste gothische kerken onvolbouwd bleven; van daar, dat Michel-Angelo meestal marmer te kort kwam voor sommige buitenste deelen zijner gewrochten, en de beenen in de plint schijnen gezakt.

De beschouwing van de Grieksch-Romeinsche en Christelijke! Godsdienstleer schijnt te bewijzen, dat de Schilderkunst meer aan de Christelijke denkbeelden geëvenredigd is, en dat daarentegen de Beeldhouwkunst, althands voor zoo ver zij onafhankelijk van de bouwkunst gerekend wordt, meer met de eigenaardigheden der Heidenen overeen-stemt. x)

Deze beeldhouwkunst, in haar krachtigst leven, in hare uitingen die het minst van bouwkunst en schilderkunst verheffen »), moet men bij de Grieken zoeken. En dit is zeer natuurlijk. De beeldhouwkunst toch, die in vaste, stellig begrensde, van rondom geziene vormen optreedt, heeft niet tot roeping, gelijk de schilderkunst, af te beelden, wat schijnt te zijn of slechts vluchtig kan waargenomen worden; maar moet afbeelden wat is; wat bestaat in stoffelijkheid en tastbaarheid. Van daar dat wolken, stralen, kunstige en bepaalde licht-effekten, zekere fijne kleurschakeeringen, de eindeloze verscheidenheid van den blik der oogen, de dampkringslucht, en wat dies meer zij, niet door de beeldhouwkunst kan worden voorgesteld. Sommige partijen, die de schilder in een geheimzinnigen nevel kan houden, moet de beeldhouwer, zijns ondanks bewerken, kan hij niet dan bij uitzondering aan de opmerkzaamheid der toeschouwers onttrekken. Hieruit volgt, dat eene mythologie van meer stoffelijken en zinnelijken aard, gelijk de grieksche, lichter door de beeldhouwkunst kan voorgesteld worden, dan de helden en de feiten eener Godsdienstgeschiedenis, waarvan geestelijke bestanddeelen het hoofd-

1) De schismatieke Christenen, die de grieksche belijdenis sijn toegedaan, vinden behagen in gewijde schilderijen en gesneden koperen of zilveren platen; maar de beeldwerken en ronde-boste en las-reUef zijn bij hunne Godsdienst verboden.

2) Men wane niet, dat dit verhef en eene botte overzetting is van het fransche relever, ofschoon het hier werkelijk relever beteekent. Verheffen is, zoo ver men kan nagaan, in dezen zin even oud als het fransche woord. Ze zijn beide uit het leenstelsel afkomstig. Belever un fief, relever d'un souverain, heette in 't Nederlandsch, zonder gallicisme, een leen verheffen, verheffen van een leenheer; en daar is volstrekt geen reden om die onontbeerlijke, gelijkwaardige, nederlandsche uitdrukking niet in onze tijd tegen het fransche relever te blijven overstellen.