is toegevoegd aan uw favorieten.

De talen in het nieuwe Europa

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

feit. De belangrijke talen van West-Europa hebben dan het voorkomen aangenomen, dat zij thans nog hebben, en, sedert dien, hebben er nog slechts détail-veranderingen plaats gehad. Boven het Latijn, dat in de oudheid reeds zijn vasten vorm had, en in de plaats daarvan, verrijzen in West-Europa eveneens vaststaande nationale schrijftalen, zooals het Italiaansch, het Spaansch, het Portugeesch, het Engelsch, het Duitsch, het Poolsch. Men heeft hier een feitelijke beperking van het aantal letterkundige talen.

Een deel van de talen, die in de Middeleeuwen geschreven werden, treedt dan niet meer of hoogst zelden op als schrijftaal. Het Provencaalsch wordt haast niet meer als schrijftaal gebruikt, terwijl het Iersch, het Czechisch en het Nederduitsch niet meer of hoogst zelden dienst doen als letterkundige talen.

De eenige talen, die dan vasten vorm aannemen, zijn die van de nationale groepen, die zoo niet tot politieke eenheid dan toch tot het bewustzijn van hun nationale eenheid gekomen waren, en die bij dat bewustzijn een eigen kuituur voegden, zooals Frankrijk Spanje, Portugal, Engeland, Polen, die ieder een nationaal koningschap hadden, bovendien het Heilige Roomsche Rijk, waarvan de samenhoorigheid in staatkundig opzicht gering was, en Italië, dat alle éénheid mist, omdat die landen een krachtige eigen kuituur hadden en daarbij het gevoel van een eenheid, die boven de feudale verdeeldheid uitging. In de XVIde eeuw had de Italiaansche letterkunde menigmaal tot voorbeeld gestrekt aan de Fransche dichters.

In de XVIde en in de XVIIde eeuw verdwijnt het vage gevoel der rijkseenheid, dat in de middeleeuwen was blijven bestaan, voorgoed. Het tijdvak van de nationale monarchieën breekt aan en daarmee dat van de nationale talen.

Het Fransch neemt in de XVIIde eeuw een voorsprong, omdat het staat tegenover het Heilige Roomsche Rijk en Italië, beide tot in het oneindige verdeeld, als de taal van een machtigen staat, die reeds tot groote eenheid gekomen is. Dan is het de draagster van een klassieke letterkunde, wordt de elegante taal van