is toegevoegd aan uw favorieten.

Nederland en Vlaanderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het vijfde congres, waar een twintigtal Noord-Nederlanders ■ en ruim honderd Vlamingen waren, was dus blijkbaar amusanter dan het vierde, maar tot daden kwam men er everurun. Wel werden de congressen wederom aan critiek onderworpen, nu bij monde van een der vurigste Vlaamsche strijders, Michiel van der Voort. Zijn rede over Het Congres, Doel en Middelen1, ging regelrecht op de kern der kwestie af. „Het is heden de vyfde mael sedert 1849, dat Noord- en Zuid-Nederlandsche letterkundigen tot elkander komen, om 200 als de achtbare heer Snellaert, bij de opening van het eerste Congres, zegde, „eenheid in de werking der Noord- en Zuid-Nederlanders te bewerkstelligen, tot behoud van den gemeenschappelyken volkszin, en van de gemeenschappelyké volkstael." Vier boekdeelen kwamen tot stand, uitvloeisels van de vier eerste Congressen: een vyfde zal eerlang verschijnen. Zeven jaren, een geruime tyd in onze eeuw van stoom- en barnkracht, zyn verloopen; en nu vraeg ik, wat heeft dat alles te weeg gebragt? — Waer is de eenheid, — het doel der Congressen? Waer zyn de instellingen, — uitvloeisels uit het Congres—? Wat nut, wat voordeel is er uit ontstaen?" Als hij over het Woordenboek komt te spreken, waarvan hij de beteekenis niet onderschatten wiL vraagt hij weer: „En waer zou de band zijn van de Congressen onder elkander, zoo gelukkigerwijze de zaek van het Woordenboek de Congressen niet hadde gered, — zoo het voorstel niet tot een exegi monumentum ware geworden ? Wel sprak men over boekhandel — een allerbelangrykst punt! — over tooneel — over alles in een woord, wat tot het doel — de eenheid — altijd het zelfde — behoorde; maer na den spreker bleef er niets over, en „men begroef het in de jaarboeken van het Congres" — zal ik met den Hoogleeraar Visscher zeggen". En na op het gevaar gewezen te hebben, dat België en Nederland van het „Romanendom" bedreigt, komt hij met een voorstel voor den dag, dat het congres een commissie zal benoemen tot het beramen van maatregelen, die tot het gemeenschappelijk doel, de eenheid van Noord- en Zuidnederlandsche letterkundigen, tot behoud van de gemeenschappelijke volkszin en volks-1 taal kunnen leiden. De volgende dag werd over dezelfde kwestie gesproken door de Noord-Nederlander Gerth van Wijk, die een

1 Handelingen vijfde congres, bl. 26-33.