is toegevoegd aan je favorieten.

Proza, 1837-1845

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Teil Have te moede toen hij den anderen morgen de welbekende woning weder intrad, toen hij de dochteren van haren toestand kennis geven zou. Wie onzer heeft nooit iets dergelijks uevoeld? Er moge waarheid schuilen in de opmerking dat de ouden den dood aangenamer voorstelden dan wij: hij de groeve blijkt het, dat de hemel gewonnen heeft, wat de aarde verloor : voor de overbl ij venden resten de zorgen des levens, voor den ontboeiden geest volstaat de genade van God. Ten opzigte van Graevestein en zijn kroost woog die waarheid voor Ten Have dubbel. Het woord, hem in de eerste ontroering tegenover Doortje ontsnapt, het woord dat voor Anne het spaarzame zijner schikkingen verklaarde, het woord: .lief kind! je blijft niet rijk achter," was door zijn volgend onderzoek schrikwekkend bevestigd. Luttel zou liet den dochteren hebben gedeerd, ware het haar slechts uit den eenvoud der begrafenis, uit de btilte bij het ceele maken gebleken. Er s t r o o m d e geen wijn bij het laatste, er volgde geen gastmaal op de eerste, dat het nooit geschiedde, dat de dood bij allen heerschen mogt, zoo lang zijn offer boven aarde staat! We worden er te weinig aan herinnerd, werwaarts wij gaan, we voelen te vlugtig dat niemand ons zeggen kan of wij er morgen nog zullen zijn. — 0111 ons zoo digt mogelijk aan de wereld te sluiten, door zoo ver mogelijk van den verscheidene te vlièn. O, dat ontvangen van ongemeend of wawelziek rouwbeklag, hetgeen zulk eene weldadige afleiding heet te geven hoe ijdel moet het harte zijn, dat daaraan zoo ijlings behoefte heeft! hoe luttel het leed, dat zich dit zoo ligt laat doen ! Anne en 1 (oortje werden er voor bewaard. Graevestein had nooit vele vrienden gehad; voor den minbedeeldste vermindert de dood die. Stel u voor, hoe weinigen haar kwamen zien. Zij deden het daarentegen den gestorvene dikwijls; niet op bepaalde uren des dags, maar als heur gemoed er haar toe dreef: ik geloof, dat zij er bij won-