Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bewoning ingericht voor Karei Ferdinand graaf von Inn- und Kniphausen, waarbij het een nieuwen naam, Karelsveld, ontving. Na in 1819 door brand te zijn verwoest werd het huis gesloopt. Tot voor eenige jaren waren nog oprijlaan en grachten bewaard gebleven. Thans zijn ook deze verdwenen. Nadere bizonderheden over de geschiedenis van dit huis heeft Mr. A. J. Andreae gegeven in den Gron. VolksAlmanak van 1897, blz. 138 en vlg.

BETINGEHEEM, tusschen Delfzijl en Uitwierda.

In 1596 komt voor Ailco Wijncken, hoofdling tho Beninghaheem en Uitwierda, overste schepper der Drie Delfzijlen. Niet onwaarschijnlijk wordt hier Betingheheem bedoeld.

In 1627 verkochten de kinderen van wijlen Rutger van Rensen toe Betingeweer „eene principale behuisinge met het schathuis en schuire sambt liovinge, graften, poorte, cingel enz. (Betingeheem genoempt) en 80V2 grazen lands bij Uitwierda" aan Lucas van Lissabon. Doet deze omschrijving reeds aan een borg denken, meer zekerheid geeft de verkoop in 1655 en 1658 van „des E. E. Jr. Melchior van Lissebon sijn borch Betingeheem genaemt, gelegen in de olde dijck an de heerewech na Delfzijl niet verre van het treckpat onder het carspel van Uytwierda, met ook alle behuysinge, bestaende in ses schoone ruymen beneden, te weten een sael, een doornse, twee camers, een extraordinaris keucken, een voorhuis, vorders bovencamers" enz. Kooper werd ds. Samuel Severinus, predikant te Farmsum, die in 1677 zijn standplaats met die te Uitwierda verwisselde, alwaar hij in 1682 overleed. Latere lotgevallen van Betingeheem zijn mij niet bekend. Een belangrijke borg is het voorzeker niet geweest, immers op geene der I7^e en i8de eeuwsche kaarten staat het huis aangegeven.

Sluiten