Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De rivieren beteekenen door hun groot verval weinig voor 't verkeer; van meer belang zijn hunne dalen als landwegen. Waar ze uit het bergland treden, liggen dikwijls meren; op de beschutte oevers, die tot vischvangst en verkeer uitlokten, is de bevolking vrij dicht. Aan het Bodenmeer grenzen vijf staten. Aan het benedeneinde van het Zürichermeer ligt Ziirich (160), eerste handelstad, met veel katoen- en zijde-industrie; bekende universiteit. Waar de Reuss het Vierwoudstedenmeer verlaat, ligt Lüzern (35), het uitgangspunt van vele touristen, evenals Thun (6) en Interlaken (3), aan en bij de meren van Thun en Brienz (Aar). Aan het meer van Genève het schoon gelegen, druk bezochte Lausanne (50)> en waar de Rhóne uit het meer stroomt, Genève (120), een der grootste vreemdelingencentra, met handel en uurwerkindustrie. Genève ligt in de toegangspoort tot Zuid-Frankrijk, zooals Bazel (130) in die naar het N.; Bazel heeft groote zijde-industrie. Aan de Aar, de hoofdstroom, de bondstad Bern (75).

Het heuvelland en de breede Alpendalen hebben nogal wat landbouw. Toch kan deze niet van groot belang zijn in een land, van welks oppervlakte 25 °/0 niet productief is, verder 37 °,'0 voor wei- en hooiland in gebruik is en 21 °/0 door bosch wordt ingenomen. Slechts i6°/n van de oppervlakte is voor landbouw in gebruik. Zwitserland heeft dus behoefte aan invoer van koren; verder van de meeste grondstoffen voor zijne belangrijke nijverheid. Deze was, dikwijls door armoede ontstaan, eerst klein-, later ook groot-industrie (katoen- en zijdeweverij, horlogerie, stroovlechterij, houtsnijwerk), waarbij het stroomende water dikwijls de beweegkracht verschaft. Kolen en metalen bezit het land niet noemenswaard. Koren , meel, ruwe en gesponnen zijde, katoen en kolen zijn de voornaamste invoer-, zijden en katoenen stoffen, horloges, kaas en melk de belangrijkste uitvoerartikelen.

Vele Zwitsers zochten vroeger, als meer bergvolken, in 't buitenland hun onderhoud, ook als huurlingen; thans

Sluiten