Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

{Op een handbeweging van Heucking gaat Kay weer op zyn plaats. Berger groet Heucking-, Neumann en de andere heeren. Ze groeten terug.)

Dan zouden we nu het eerst misschien mynheer Berger kunnen hooren. Mynheer Bech, mag ik de lyst eens zien P

(Kykt een lyst van getuigen in.)

Neumann.

(Tot Heucking.)

Mynheer Heucking, u zult toch zeker mynheer Berger niet als getuige hooren?

Heucking.

Als mynheer Berger ons over het een en ander inlichting kan geven, natuurlyk! Waarom niet?

Neumann.

Omdat mynheer Berger pas kort vóór de dagvaarding in deze streek is ge"komen, en dus in hoofdzaak alleen verklaren kan over feiten van na de dagvaarding.

Heucking.

Och, mynheer Neumann, wat heb ik nu te maken met dingen als dagvaardingen en zulk soort van goed. Ik heb de opdracht, een zaak te onderzoeken, en ik onderzóek de zaak. Door zulk soort van paperassen als dagvaardingen mag ik my niet laten verhinderen, dat onderzoek zoo goed mogelyk te doen. Ik wensch ook de Weduwe Poelchen te hooren.

(Wed. Poelchen is inmiddels op het tooneel gekomen, uit de woning.)

Neumann.

De Weduwe Poelchen? Dat gaat absoluut niet. Die

Sluiten