is toegevoegd aan uw favorieten.

Taak en loon van den evangeliedienaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door het gehoor des gepredikten Woords, zijt gij tot het dadelijk geloof gekomen.

Gij moet dus niet roemen in den boodschapper, maar in de boodschap; niet in den dienaar, maar in den Heere en Meester.

En die dienaren konden en kunnen dan nog maar arbeiden Rom. 12:3,6. met en overeenkomstig de genade en de gaven hun verleend, en in de taak en op de plaats door den Heere hun aangewezen.

Paulus plant, Apollos maakt nat.

Er moet niet alleen geplant, maar er moet ook gekweekt.

Er kan niet gekweekt, als er niet eerst geplant is.

Maar het geplante komt niet tot wasdom en vrucht dragen, zonder dat het gekweekt wordt.

Het een kan het ander niet ontberen.

Het een zoowel als het ander is der plant onmisbaar en is noodig tot bereiking van Gods doel.

De planter heeft zijn eigen genade en gaven èn de natmaker, de kweeker, heeft zijn eigen genade en gaven. Berekend op eens ieders taak.

Te roemen op den planter en den kweeker te verachten, of den laatsten te verkiezen en den eersten te verwerpen is dus èn zondig èn dwaas.

Het is Christus en zijn werk bedillen en krenken in zijn knechten.

En te zeggen: ik ben van den planter en ik ben van den 1: 13. kweeker, dat komt er op neer, dat men Christus wil deelen en de eenheid van zijn werk en kerk wil verscheuren.

Want de planter en de natmaker, alle dienaren, zijn één.

Velen en toch één.

Eén in hun Zender en Lastgever.

Eén in hun werk. Want zij arbeiden wel op hun eigen plaats, met hun eigen gaven, aan een eigen taak, maar het is het eene en zelfde werk, waarin zij bezig zijn n.1. Gods akkerwerk.

Eén is hun doel, n.1. den Heere een vruchtdragenden akker te bereiden.

Eén zijn ze in de ééne prediking des Evangelies.

De planter plant door te prediken Jezus Christus, den gekruisigde, de kracht Gods en de wijsheid Gods;