is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der inwendige ziekten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Leverziekten.

91. S tuwingslever.

De stuwingslever is bijna altijd het gevolg van algemeene stuwing; in heel zeldzame gevallen is de oorzaak een gezwel der buikholte, dat door druk op de vena cava inferior tot plaatselijke stuwing aanleiding geeft.

De voornaamste klacht der patiënten is een gevoel van zwaarte of pijn in de leverstreek; de pijn verergert door beweging, druk en gebruik van voedsel.

Bij het onderzoek vindt men de lever vergroot (soms tot de regio iliaca), vrij vast (soms ook heel hard), glad en iets pijnlijk bij druk; de rand is stomp. Wanneer de hartwerking verbetert, neemt de lever in omvang af.

Niet zelden bestaat lichte geelzucht.

Meestal vindt men tegetijkertijd ook nog andere stuwingsverschijnselen ; soms treedt de stuwing in de lever echter als eerste gevolg der hartzwakte op.

Niet zelden ontwikkelen zich op den duur cirrhotische veranderingen (stuwingslevercirrhose). De levercellen gaan voor een deel door ontaarding te gronde, terwijl tegelijkertijd een sterke bindweefselwoekering plaats heeft; door de later volgende litteekenschrompeling worden talrijke poortadertakjes ondoorgankelijk en ontstaan de later uitvoeriger te bespreken verschijnselen van poortaderstuwing (zie bij atrofische levercirrhose). Soms treedt als eerste verschijnsel der cirrhose miltvergrooting op.

De behandeling is oorzakelijk; verder komen vooral afvoermiddelen en tegen de pijn een warm Priesnitz verband in aanmerking.

92. Aktieve leverhyperaemie.

De oorzaak dezer, in Europa zeldzame maar in de tropen heel veel voorkomende ziekte is onbekend; misschien speelt bij den tropischen vorm de dysenterie-amoebe een rol.

Het ontstaan wordt waarschijnlijk begunstigd door een