is toegevoegd aan uw favorieten.

Menschen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is alles voorbij... Maar hier staat volk voor zes treinen.

Uren vergingen. Lange treinen, die van Eeckeren kwamen, stopten,en telkens werden nog menschen opgeperst in de overvolle wagens. Boven op de wagons hurkten mannen en lagen fietsen. Op den tender zaten havelooze kinderen. Geroep, krakeel, geschrei van kinderen en geblaf van honden werd slechts afgebroken door het sein der stoomfluit. Tegen middag waren zij door het gedrang in de eerste rei der ongeduldigen geraakt, maar heel achteraf waar de kans gering was.

De coiffeur zweette van opwinding en inspanning, schreeuwde mee zonder reden. Marie hield zich dicht bij» hem, onder bescherming van den man. Ditmaal stopte een nieuwe trein wat achteraf, en voor zij het wisten zaten beiden in een tweede-klasse wagen waar plaatsen onbezet gebleven waren. Achter hen stormden mannen en vrouwen met kinderen binnen, zochten plaats in de gangen, tusschen de beenen der zitters. Eindeloos lang nog bleef de trein wachten op wat niemand wist, toen gilde de stoomfluit en men riep hoera. Traagjes ging het naar het Noorden, telkens werd gestopt, keek men uit de raampjes naar de pinnekensdraadversperringen en de gerooide dennenbosschen, — waar nog slechts puntige stokken uit den grond staken. \

Men hoorde nu haast geen geschut meer. En al deze forten die niet gewerkt hebben en de pinnekensdraad, overwoog de coiffeur, ze hadden langs hier moeten komen. De zon in rossen nabloei op de heide gaf een gevoel van rustige eenzaamheid. Zij waren haast in veiligheid, en dan zou men zien. Na stilstand te Calmpthout bommelde de trein weer door tot Esschen. Marie trakteerde onderweg op chocolade, brood en appelen,