is toegevoegd aan je favorieten.

Leerboek der plantkunde voor Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bij c nog gesloten maar de stempel reeds rijp en in staat om stuifmeel te ontvangen, bij cl geopend, de stijl met den stempel afgebroken, de helmknoppen nog niet opengesprongen, bij e hebben de helmdraden zich gestrekt en zijn de helmknoppen opengesprongen.

Bewegelijkheid deiMeeldraden komt, behalve in dergelijke gevallen als bij de Gebroken Hartjes en de Geraniums, waar slechts langzame plaatsverandering der helmknoppen waargenomen wordt, ook in veel opvallender wijze voor. Plotselinge sterke bewegingen der meeldraden kunnen op allerlei

wijze tot stand komen, zooals

Fig. 284. Protogynie, verklaring in den tekst.

Fig. 283. Protandrische bloem van de Valeriaan; de eene in het eerste (mannelijke), de andere in het tweede (vronwelijke) stadium van den bloei.

uit de volgende, gedeeltelijk aan de Europeesche flora ontleende voorbeelden blijkt.

Bij de Europeesche Brandnetels en bij verschillende in Indië inheemsche verwanten van deze hebben de bloemen

een vierslippig bloemdek en vier meeldraden. In den knop liggen de vier helmdraden gebogen en worden door de bloemdekslippen in dezen stand gehouden. Wordt de spanning te groot en gaan de bloemdekblaadjes open, dan strekken de helmdraden zich plotseling en tegelijkertijd openen zich de helmhokjes. Door den schok verspreidt het stuifmeel zich als een klein wolkje in de lucht. De bestuiving vindt bij deze, ten deele één- ten deele tweehuizige planten door den wind plaats.

Bij Kalmia (Fig. 285) staan de meeldraden eerst wijd uit en springen plotseling naar het