Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

perceelen land voor eenen bepaalden huurder vervangen van eene planken tijd tegen een vastgestelden prijs, dan vloer door een betonvloer in eene kamer is aan die overeenkomst terecht liet van een benedenhuis, de gedaante van karakter van huur en verhuur toege- het verhuurde veranderen en het rustig kend, en zulks niettegenstaande mocht bezit van den huurder storen, zoo zal zijn 'bedongen, dat het gehuurde land toch de huurder te dier zake geen andere niet terstond bij het sluiten der huur- schade kunnen vorderen, dan die werovereenkomst aan den huurder zou kelijk door hem is geleden en die dus worden geleverd, doch eerst door den uit bepaalde door den huurder te stellen verhuurder zou worden bezaaid endoor feiten voortvloeit. — Kantong. s-Gra\enden huurder noch zou worden bebouwd, hage 15 Juli 1911; W. 9352.

noch beweid. Immers deze bijzondere

bedingen beletten niet, dat de overeen- Art. 1591.

komst in haar geheel al de kenmerken

bevat, die volgens art. 1584 B. W. het 1176. Naar analogie van art. 1591

wezen der huurovereenkomst uitmaken, alinea ultima B. W. kan een huurder

- H. R. 26 Januari 1912, concl. conf.; de huur van een door hem gehuurd

W QQi7 • n R f)f!XX 157 opslagterrein laten ontbinden, wanneer

W. 931 , N. R. U.XA, <• ^ hem fe.telijk onmogelijk mocht zijn

Art 1586, 3°. om zÜn geheele voorraad goederen op

het voor den opslag daarvan gehuurde

1173. Er kan niet worden beweerd, terrein, dat voor zijn bedrijf noodzakelijk

dat een verhuurder zijn huurder in het mocht zijn, opgeslagen te blijven hou-

rustig genot van het gehuurde stoort, den, wegens het uitvoeren van dringende

wanneer hij tegen hem eene vordering herstellingen aan het gehuurde.-Rechtb.

tot ontruiming van het gehuurde instelt. Amsterdam 14 Juni 1909; W. 9134.

— Rechtb. Zutfen 18 Mei 1911; W.

9246 1177. Wanneer, zij het ook tegen den

zin des huurders, bij de noodzakelijke Art. 1587. reparatie van een houten vloer in eene 1174 Een verhuurder was nalatig in kamer van het gehuurde pand, de verhet aanbrengen eener noodzakelijke repa- huurder die vloer door een betonvloer ratie, die voor zijne rekening kwam, heeft vervangen, dan is de reparatie waarop de huurder haar zelf liet aan- afgeloopen, zoodra de betonvloer is aanbrengen. De kosten vorderde hij bij wijze gebracht, ook al wordt daar geen houtvan schadevergoeding van den verhuur- bedekking op aangebracht; van een der terug. Deze vordering werd ontzegd, voortduren der reparatie in den zin van omdat de geleden schade niet het gevolg art. 1591 B. W. kan daarna dan ook geen was van des verhuurders verzuim om sprake meer zijn. — Kan tong. s-Gra vende noodzakelijke reparatie aan te bren- hage 15 Juli 1912; W. 9352.

gen, maar van het aanbrengen dier reparatie door den huurder zelf. - Kantong. 1178. Art. 1591 B. W. brengt, bepaAmsterdam 10 April 1912; W. 9425. lende dat de huurder dringende repara-

tiën aan het gehuurde (waartoe repara-

Art. 1590. tiën door de gemeentelijke bouwpolitie

bevolen, behooren) gedurende den huur1175. Moge ook al het door den ver- , tijd moet gedoogen, mede des huurders

Sluiten