Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden tot eene bijzondere gemeente in betrekking te staan' die in eenige Evangelische gemeente, hetzij hier te lande, hetzij elders zijn erkend, als behoorende tot de Hervormde Kerk, en van hunnen doop of hunne belijdenis door behoorlijke bewijzen hebben doen blijken.

3. Deze allen blijven tot de Nederlandsche Hervormde Kerk behooren, zoolang zij niet door woord of daad ten duidelijkste toonen, zich van haar af te scheiden, of door haar van hunne betrekking tot de Kerk vervallen zjjn verklaard.

4. Het bestuur der Nederlandsche Hervormde Kerk wordt uitgeoefend:

1°. over de gemeenten, door Kerkeraden;

2°. over meer gemeenten vereenigd, door Classikale besturen en Provinciale kerkbesturen;

3°. over al de gemeenten te zamen, door de Synode.

De belangen der Oost- en West-Indische Kerken zijn een voorwerp van de aanhoudende zorg der Synode van de Nederlandsche Hervormde Kerk. De betrekking dier Kerken tot de Synode blijft op den tegenwoordigen voet, tot dat zij nader meer kerkelijk kan worden geregeld.

5. De leden dezer besturen worden benoemd door de Kerk, op de wijze, welke verder in de verschillende hoofdstukken van dit reglement is opgegeven.

Met uitzondering alleen van die der Kerkeraden en der Algemeene Synode, worden deze leden benoemd voor den tyd van drie jaren. Jaarlijks op den lsten Januarij treedt een derde, of zoo na mogelijk een derde, van hen af.

Geen predikant of ouderling kan lid worden van een Provinciaal kerkbestuur, dan na vroeger lid te zijn geweest of nog te zijn van eenig kerkeüjk collegie boven den Kerkeraad; en niemand zal tot ouderling in een Classikaal bestuur benoemd worden, dan die ouderling is, of geweest is bij den Kerkeraad.

Niemand kan ten zelfden tijde lid zijn van een Classikaal bestuur en van een Provinciaal kerkbestuur.

Een lid van eenig Classikaal bestuur, geroepen wordende tot een Provinciaal kerkbestuur, treedt, bij aanvaarding

Sluiten