is toegevoegd aan uw favorieten.

Brieven van Abraham Blankaart.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ABRAHAM BLANKAART. 23!

Woord, of onder het inzien van, een ander goed boek , fchryf ik op , en daardoor kryg ik ftofs genoeg tot gcfprckken die niet allen heel beuzelagtig zyn: o ik wensch zo , dat als de Heere ' komt , hy zynen ouden dienaar , al is het dan ook in de derde nagtwaakc , bezig moge vinden, in het goede werk, dat er voor my tc doen is in genade.

Wat wil het geval! daar zat ik onlangs zo al in my zeiven te denkeu , over al het gctits , gehairkloof, en getandtrek , dat er zo al over het heilig dierbaar geloof voorvalt , en voor veele eeuwen is voorgevallen, want de menschlyke natuur is dezelfde hoofdfchotcl, zy wordt maar op onderfcheidenewyzeu opgedischt, cn met verfchillende faufen gegeeten , als ik liet zo eens zeggen zal — hoe dat naamlyk de ééne dc fchrift zus, en de andere het Woord weerzo uitlegt; hoe men, (is het doller tc bedenken?) om verfchil in gevoelens en meeningen veracht, haat, lastert, ja gepynigd, ja gedood heeft; en hoe men zelfs nu nog in onze dagen, waaromtrent men elkander op den mou fjftlt dat zy zeer verlicht zyn, elkander met een fchcel oog aanziet; menigen ouwen zet geeft, cn niet wil dulden dat wy aan één tafel, onder het gebruiken van een ftuk broods en het drinken van eene teug wyns, dien goeden God danken, die uit liefde voor zondige menfehen, zynen Zoon in de wereld gezonden heeft, om allen te behouden • [P 4 Cil