is toegevoegd aan uw favorieten.

Algemeene kerkelijke geschiedenis, der christenen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS. 9-

gezelfchap af, alwaar hij haar verfcheidenc bezoeken gaf, maar toen dit verkeerd werd uitgelegd, befloot hij, nooit weder bij haar te komen. Ook verliet hij in het jaar 1136 zijne Abdij van Rmts geheel.

Van dit jaar af leerde hij weder met den jrcwonen toeloop op den Bcr; der Heü. gen-wei a te Parys; maar verliet deze ftad in het volgende jaar, zonder dat men weet, waar heen hij zich begaf. Weldra bragten echter nieuwe befchutdigingcu tegen zijne regtzinnigheid hem weder te voorlchijn, tegen welke hij zich door een beroep op den Paus in liet jaar 1140 vergeefs zocht te redden. Doch midden in het onweder, dat hem dreigde, kreeg hij eene fchuilplaats in de Abdij van Clugny, bij deszelfs Abt petrus den Eerwaardigen; maar om zijne gezondheid van daar gezonden naar 'het Prioraat St, Marcel, te Chalons aan de Saone, overleed hij te dezer plaatfe, in het jaar 1142. heloisa verzocht, gelijk dit ook zijn wil geweest was, om zijn lijk, hetwelk zij van petrus van Clugny verkreeg, om het in haren Paracletus te begraven; ook verwierf zij eene abfolutie of vrijfpraak voor den overledenen, welke behelsde; dat petrus hem onder bet gezag van den almagtigen God en alle zijne Heiligen , uit kracht van zijn ambt , van alle zonden abfolveerde, welke vrijfpraak dus, naar de gewoonte dier tijden, op abelards graf gefield werd.

petrus van Clugny was zeer met abelard ingenomen , wien hij ook met een graffchrift ver»

eerd

V

BOEK II

loofdft. is C. G.

jaario73. tot 1517"