Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Üe HELDIN.

ren genaaderd, voorzien zijnde, voor zoo ver rrten konde zien, van al 't geea toe eene woedende beftorming word vereischt.

Mevr. BüRG'iRIIART.

Hoe was het gefield bij onze gewaapende manfchappen? — fcheenen zij niet te vreezen of kleinmoedig te worden, op het zien, dat het den vijand ernst was ?

Tan, driftig.

Vreezen —kleinmoedig worden, Mevrouw! — ó niets minder dan dat, het tegendeel is waar; de Spanjaarden fcheenen naar hunnen zin te veel te talmen; men fardé hen, om maar de bresfen te beklimmen , terwijl men hun alle hoonen fmaadredenen toewierp.

Mevr. Burgerhart,

Goed, maar met woorden kan men geene ge' waapende magt afkeeren; — was men In de weer, om met magt. —

Jan, haar driftig invallende*

Vergeef mij Mevrouw! — in de weer?

ó het duizendfte gedeelte kan ik u daar van niet zeggen, dat kan ik niet; jong en oud, klein en groot , deed wonderen; - de Vrouwen, anders zoo bevreesd en afkeerïg van alle die werktuigen der vèrfchrikking, behandelden nu dezelve als haar dagelijksch huislijk werk; — hier zng men zommige Vrouwen, terwijl zij haaren mannen toeriepen, moed te ¥ » hou,

Sluiten