is toegevoegd aan uw favorieten.

Zestal kerklyke redenvoeringen, gedaan op de bedestonden, in het jaar 1782.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

103 Pierde Beeejlond. Waarin lejlaat

rer inftelünge te kunnen beantwoorden, en de behoeden van den Staat te verzorgen.

Dus moeten deLeden derRegeeringe of derzelver Staatsdienaars uit alle de (tanden des Volks gekoozen worden, en hun getal moet zo groot zyn, en uit alle de deelendes Lands verzameld worden, als met een wel ingerigt bellier maar eenigzins beltaanbaaris; daarom dat een Mensh niet alle de behoeften des Volks kent; noch weet waarin deszelfs welvaaren en geluk beftaat; noch alles kent, wat daartoe behoort; noch hoe hetzelve kan en moet bevorderd worden; daarom dat een (land des Volk* de belangen der overige (landen of in het geheel niet, of niet genoegzaam, of niet zo volkomen kent, als ieder (land de zynen; daarom dat een mensch of een (land zyne byzondere belangen beter kennende dan die der overige menfchen en (landen, daardoor de algemeene belangen noch kan, noch zal zo goed behartigen als zyne byzondere inzigren. (Om deeze reden moeten alle, zo wel amtlooze ais regeerende Burgers van een land fteeds den vryen toegang tot de vergadering des Volks hebben , om dat deezen dikwyls beter in (laar zyn, om de waar: behoeften en belangen van het geheele lighaam te kennen, en daarover te oordeelen, zo door hunne meer byzondere betrekkingen op de algemee. ne belangen, als door de byzondere kundigheid,

die