is toegevoegd aan je favorieten.

Waarneemingen over de aardrykskunde, de natuurkunde, den aart en de zeden der menschen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5 ï © HOOFDST: VI, Zevende Af deeling.

men, ook in de Zuidelyke landen,onbefchaafde lieden, die zich zelve lompheden, bcleedigingen enz. veroorlooven. Ik heb te vooren reeds gezegd, dat zy eikanderen fomtyds met vuisten Haan, of by de hairen trekken; zy bedienen zich daarenboven ook nog van verfcheidene fcheldwoorden, by voorbeeld, Tauna,Weheinehiua-atoerl, Aiya, Tahata - tauva, Doedoeai, Tahata-pipirri, en meer foortgelyken.

Onder de gevolgen van overvloed aan levensmiddelen , en andere dingen, die het leven aangenaam maaken, telt men, by alle Volken, met recht, het toeneemen der zinnelyke begeertens, welker drift fteeds grooter wordt, en op het laatst buiten alle paaien van welvoeglykheid gaat, zo 'er niet in tyds maatregelen genomen worden, om ze te breidelen, of 'er tegenftand aan te bieden. 'De rykdom der Societeitseilanden, en inzonderheid van het Eiland Taheiti, het welk door de nabuurige Eilanderen doorgaans voor het rykfte gehouden wordt, heeft

na-

tanni genaamd. — Voor het overige is de voorkeur, die elk Volk aan zyne eigene landgenooten, boven anderen, geeft niets minder dan vooroordeel; zy is eene wet der natuure. Dan de te zeer verfynde befchaaving rukt doornftruiken en wynftokken, vooroordeelen en gevoel te gelyk uit, en dan wykt de lieve moeder natuur — voor de Franfchen.

G. F.