is toegevoegd aan je favorieten.

Allernoodzaaklijkste raad en waarschouwing voor jongelingen en jonge dochters, ter vermijding der onkuischheid [...] en der zelfbevlekking.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X "4 X

dfgheid, waar mede haare Ouders haar hadden op. gevoed. Wat zou zij, bij deze voortreflijke gefteldheid van haar gemoed, niet hebben kunnen worden , wanneer zij niet vroegtijdig tot eene ondeugd was vervallen, die haar zelve als eene ondeugd onbekend was, en haare vriendinnen niet in het oog viel, terwijl dezelve alle hoop der ouderen ter nederfloeg, om haar geliefde Bet je eens gelukkig te zien.

Tot aan haar twaalfde jaar was zij een gezond en bloeijend Meisje, en bezat zij al de opgeruimdheid van eene frisfche jeugd. Zij werd omtrent dezen tijd in denabuurfchapter fchoolebefteld, alwaar zij dagelijks, met andere Meisjens, werd onderweezen in vrouwlijke handwerken; en juist dit tijdftip was het, waar op een ieder zeer ligt eene groote verandering bij haar konde befpeuren. Men zag dezelve vooral daarin, dat zij niet meer zo blijmoedig en opgeruimd was, als voorheen. Haare fpeelgenooten deeden haar daarover menigmaal verwijten, want geftadig zogt zij zich van dezelve te verwijderen, zich in de eenzaamheid te begeeven of ftil in een hoek te gaan zitten. Ook haare moeder befpeurde het verlies van haare voorige opgeruimdheid van geest en van die luchtige vrolijkheid, waar mede zij haar anders in haare huislijke bezigheden plag te helpen. Hoe komt het toch, zeide zij menigmaal, dat mijne lieve Betje alles zo traag, achteloos en verkeerd doet? Wanneer zij zo ftil en nadenkend op de ftoel zat, nu eens eenen enkelden fteek met de naald deed, en dan weêr ftijf

voor