is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leeskabinet; mengelwerk tot gezellig onderhoud voor beschaafde kringen, 1863, 01-01-1863

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vooruit draaft onze goede Jacques met V**#. Met eene stem, die op tien minuten gehoord wordt, vertelt hij wat hij ons te vertellen heeft, en zijn lange stok wijst naar het oosten, u Van daar kwam de grijze Blücher tegen den avond van den 18d™," zegt hij ; ten minste, zoo luidt de vertaling. //Hier zijn vijfhonderd Pruisen begraven," heet het verder, en kort daarna: //Op dit veld achthonderd Engelschen." Afgrijselijk is het, dat hier en verder op, dagen na den slag, nog duizenden gewonden te midden der gesneuvelden kermend nederlagen, en eindelijk na langen doodstrijd, door een brandenden dorst verteerd en met het koudvuur in hunne stukgeschoten ledematen, den laatsten adem uitbliezen, uit gebrek aan water en geneeskundige hulp.

En waarlijk, zoo ver het oog hier reikt, ziet men niets dan kale heuveltoppen en dalen, destijds nog voor het grootste gedeelte woest en onbebouwd; nergens eenig spoor van vliet of beek.

Twintig minuten reeds zijn wij den gids zoo na mogelijk op de hielen gevolgd. Ook B*** heeft, om zoo veel° mogelijk van zijne mededeelingen te profiteeren, zich bij hem gevoegd; dat die belangrijk zijn, is duidelijk te zien aan den stok, die onophoudelijk in de lucht schermt. Ik houd mij bij de dames in de achterhoede, en geleid haar, waar het noodig is, op het goede pad door den slikkerigen weg, die hier uitgegraven is, om de helling minder steil te doen zijn.

Ha! ziehier het eerste monument! Die obelisk van hartssteen aan onze Imkerzijde is door de officieren van het Hannoveraansche legioen ter gedachtenis aan hunne gesneuvelde wapenbroeders opgerigt; en daar regt tegenover staat, met een ijzeren hek omgeven, de kolom ter herinnering aan de plek, waar de luitenant-kolonel Grordon, adjudant van den hertog van Wellington, de doodelijke wonde ontving, terwijl hij op weg was om eenige orders over te brengen. De ongelukkige had slechts den ouderdom van 29 jaren bereikt. °

Van hier zien wij westwaarts, op bijna een kwartier afstands, den Leeuwenberg, en aan den eenige voeten uitgegraven bodem bemerken wij , welk een arbeid het gekost heeft dien onmetelijken zandhoop op te werpen.