is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leeskabinet; mengelwerk tot gezellig onderhoud voor beschaafde kringen, 1864, 01-01-1864

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tus kennis gevende, had deze echter reeds het proces-verbaal aan den baljuw verzonden, en moest het regt natuurlijk zijnen loop hebben. De mof had in elk geval een paar klompen gestolen!

De baljuw, met de herkomst van ^Tefke bekend geraakt, schreef naar Amsterdam, en het antwoord luidde natuurlijk, dat hij , wegens ontvreemding van een gouden muntstuk, uit bijzondere consideratie slechts van het grondgebied verbannen was; het was dus een recidivist, en na een paar verhooren luidde het vonnis van de dorps-schepenbank: Gegeeseld en levenslang uit de banne van Amstelveen gebannen.

Onkel Gotthelf kon, ten gevolge van verschillende informatiën, niet buiten wetenschap van het gebeurde met Nefke blijven. Woedend was hij op hem, die hem zooveel moeijelijkheid verschafte; woedend, omdat zijfte Nichte hem had verlaten, en nu zijn huishouden het driedubbele geld kostte, door vreemde dienstboden, die hem op alle wijzen beslenterden; kwaadaardig woedend werd hij , als lnj knecht of meid meende op eenige oneerlijkheid te betrappen, hun dit onder de neus duwde, en tot repliek ontving: // Zeg dit aan je dief van een neef!" Want de buurt, en zij door de buurt, hadden ook al het gebeurde met Nefke vernomen; en toen hem eens werd voorgeworpen: //Gierige hond, je maakt dieven! was zijne woede ten toppunt, en verwenschte hij de Amsterdamsche Dummheit, waardoor men niet maar dadelijk zijn neef een warmen rug en eenige jaren den kost had gegeven. Hij had dan al die beweging niet gehad; en nu men hem weêr slechts had gebannen, kon hij wel stilletjes te Amsterdam komen, in zijn huis sluipen en hem 's nachts vermoorden. Hij hoopte nu maar dat ze hem te Amstelveen een pak zouden geven, waaraan hij zijn leven lang genoeg had om aan Holland te denken en er nooit terug te komen. Hii zou naar een middel daartoe zoeken.

Meermalen had Gotthelf eene straf-executie op den Dam wewoond, en dan het ook door den volkshoop opgemerkte gezien , hoe Hans aan den een met buitengewonen nadruk de striemen toetelde en bij anderen den bezem hoofdzakelijk langs den broeksband liet loopen. Onder het plebs liep dan liet praatje, dat de eene, alsof men door de muren had gezien, den beul bij het binden brutaal in het aangezigt had gespo-