is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1819, 01-01-1819

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ter plaatse geen Minister, Consul of Agent van den Staat gevonden wordt, zullen de schippers of gezagvoerenden gehouden zijn, in presentie van hunne ophebbende manschappen, of, dezen niet aanwezig zijnde, van een publiek Ambtenaar, daar te lande, de Zeebrieven te roijeren en door te snijden, en dezelve alzoo geroijeerde endoorgesnedene Zeebrieven dadelijk optezenden aan den voornoemden Directeur-generaal der In- en Uitgaande Regten en Tan de Accijnsen.

Een schipper of gezagvoerende, bij verkoop, sloping of verongelukking buiten dit Rijk, van het door hem geToerde of aan hem toebetrouwde schip, aan de verpligtingen, in dit artikel omsehreven, niet hebbende voldaan, zul op deszelfs naam geen zeebrief, voor opvolgende geaagvoering op eenig schip, worden afgegeven.

X\I Wanneer door een reeder, schipper of gezagvoerenden, of eenig ander onderdaan vandit Koningrijk, wie hij ook zoude mogen zijn, Zeebrieven wordende gevraagd en verkregen , daarmede de eigendom van buitenlanders gemaskeerd is , of ook , indien dezelve Zeebrieveu door hem op eenigerhande wijze mogten zijn of worden verkocht, veraliëneerd, of ook bij voortduring gebruikt voor een schip, waarvan de eigendom geheel of gedeeltelijk aan vreemdelingen is overgegaan, of indien, door hem, met dezelve op eenigerlei wijze ter kwade trouw mogt worden gehandeld, of ook, eindelijk, ingevalle zulks met zijne voorkennis en medeweten door anderen mogt zijn geschied, zal niet alleen het aandeel in het Schip, hetwelk bevonden wordt aan dengenen, die