Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omstreeks 20 Maart is gereïnverteerd; dat dit niet geschied is tijdens de narcose, moge reeds daaruit blijken, dat zich toen inde vagina geen spoor van bloed of etter bevond. De mogelijkheid vaneen spontane reïnversie werd, omdat men haar niet verklaren kon, langen tijd betwijfeld. In 1873 echter werd dooreen waarneming van Spiegelberg *) alle twijfel voor goed opgeheven. Die waarneming heeft merkwaardig veel overeenkomst met de onze: Spiegelberg constateerde met zijn assistenten een inversio uteri, die vrij zeker negen weken te voren dadelijk na de bevalling was ontstaan. De patiënte werd voorloopig te bed gelegd, met de bedoeling haar aan de studenten voor te stellen. Toen zij daartoe veertien dagen later voor de heeren werd gebracht .... was de inversie verdwenen! In dien tusschentijd had de vrouw heftige diarrhoe gehad met sterke persingen, op grond waarvan Schatz 2) een verklaring der reïnversie heeft gegeven, waarop wij straks terugkomen. Spontane reïnversie is zeer zelden waargenomen. Tot 1878 kon Spiegelberg3) slechts 9 gevallen vermeld vinden, in 1889 was dat getal volgens een statistiek van Mey er tot 19 gestegen en sinds dien zijn, voor zoover ik heb kunnen vinden, slechts 4 gevallen meegedeeld, n.l. door Torster4) (1892), Yogts) (1894), Jonas 6) (1900) en Boxain) (1904). Aangezien ik het in het Russische Journal f. Greburtshülfe gepubliceerde artikel van Mey er niet kou machtig worden, is het mogelijk, dat het in 1887 door Brewis8) en het in 1888 door Tuffel9) waargenomen geval niet inde statistiek van Meyer zijn opgenomen. Tezamen zijn dus tot heden mijn waarneming meegerekend – 25 a 27 gevallen van spontane reïnversie bekend. Yoordat wij ons nu verdiepen in het mechanisme dier terugstol – ping, ligt het voor de hand, na te gaan, hoe de zooveel vaker voorkomende spontane inversie tot stand komt. Yolgens Beckmann 10) *) Archiv. f. Gyn. 1873 Blz. 118. 2) Zie bij Spiegelberg. 3) Journal für Geburtshülfe (Russisch) 1889. p. 485. 4) Forster. Boston med. and surg. Journ. 1892. Bd. CXXYII, p. 39. 5) Yogt, cit. n. Vogel. 6) Jonas, The Americ. Gyn. and obst. Journ. Yol. XVII. Juli No. 1, p. 72. 7) Boxall. Journal of Ohst. and Gryn. of the Br. Emp. 1904. 8) Brewis. Edinburg med. Journal 1887—1888. Juli p. I—9. 9) Tuffel. Zentralblatt f. Gryn. 1888. I0) Beckmann. Zeitschrift für Geb. u. Gyn. Bd. XXXI. h. 2. p. 371.

4

Sluiten