is toegevoegd aan je favorieten.

De tuinbouw; officieel orgaan van den Nederlandschen Tuinbouwraad, jrg 3, 1915, no 20, 21-05-1915

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bladen grijs getint. De species is geïmporteerd uit den zuidelijken Kaukasus.

Diploma voor Verguld Zilveren Medaille vrerd toegekend aan:

Eene verzameling Narcissen in 80 verscheidenheden, ter opluistering ingezonden door de N. V. v.h. Gebr. de Graaff te Leiden.

Diploma voor Zilveren Medaille werd toegekend aan : Eene verzameling Narcissen, ter opluistering ingezonden door de firma E. H. Krelage en Zoon te Haarlem.

Vereenigingsleven.

Bond van Bloembollenhandelaren te Haarlem

(Jaarverslag over 1914.)

Het jaar 1914 zal blijven het jaar van den groeten oorlog, waarin plots de geheele beschaafde wereld uit haar kalme rust werd opgeschrikt, waarin alle verhoudingen aan het wankelen werden gebracht, waarin niets onaangetast werd gelaten.

Het is dan ook natuurlijk, dat dit verslag aanvangt met de vermelding van deze wereldgebeurtenis en van de gevolgen, welke de Bond daarvan heeft ondervonden.

Als altijd was het Bureau in Juli druk bezig met het geven van informaties, toen op het einde der maand van verschillende leden de vraag werd gehoord, welke rechten men had tegenover de vele afbestellingen, die van alle zijden inkwamen. Zoo deed de dreigende oorlog zich te voren voelen aan de exporteurs. Besloten werd eene spoedvergadering te beleggen, maar dit kon niet zoo spoedig geschieden, of vóór de bijeenkomst was de algemeene krijg ontbrand. Niemand wist, of Nederland zich er buiten zou kunnen houden, niemand wist, of één schip onze havens zou kunnen verlaten. Juist op het oogenblik, dat de geheele oogst moest worden verzonden, dreigde eene onmogelijkheid tot uitvoer. Niemand voorzeker, die de vergadering van 3 Augustus heeft bijgewoond, zal de stemming vergeten, die daar heerschte, en de Voorzitter, de Heer Warnaar, gaf uiting aan de gevoelens van allen, toen hij zeide, dat thans slechts een eendrachtig samengaan hulp kon geven. Het zal tot de blijvende verdienste van den Heer Th. van Waveren strekken, dat hij toen kwam met een plan, dat uitzicht gaf op het te boven komen van de moeilijkheden, en dat in die ergste dagen van benauwdheid eenige gerustheid en lust in den arbeid weder gaf. Op deze plaats zij hem daarvoor nogmaals openlijk dank gebracht.

Het plan berustte op de veronderstelling, dat geen uitvoer hoegenaamd zou plaats vinden en bedoelde eene leening met rijksgarantie aan te gaan en het vaststellen van zulke uitvoerprijzen, dat na een vijftal jaren het buitenland de geleden schade zou hebben terugbetaald. In samenwerking met de Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur en het Hollandsch Bloembollenkweekers Genootschap werd een Comité gevormd, dat zich tot het einde van het jaar met de uitwerking van dit en van andere plannen heeft beziggehouden. Dat deze plannen niet in werkelijke regelingen zijn omgezet, vindt wel voornamelijk zijn reden hierin, dat de toestanden zich

anders hebben ontwikkeld dan op dien 3den Augustus kou worden voorzien en het past daarom niet rouwig te zijn, dat deze plannen, plannen zijn gebleven, maai wij mogen ons verheugen, dat tenminste het ergste, wat gevreesd werd, niet is gebeurd.

De uitvoer is niet stopgezet en reeds in de tweede week van Augustus waren de pakkerij en verzending in vollen gang. Moeilijk is het te zeggen, wat de resultaten zullen zijn. Al wijzen de statistieken op een zeer belangrijken en haast niet verminderden uitvoer, dan mag niet worden voorbijgezien, dat veel op veilingen is gebracht, dat vele bollen, waarvan de bestellingen waren te niet gedaan, op goed geluk zijn verzonden, terwijl de uitslag van de betalingen van het geleverde nog moet worden afgewacht.

De Bond, wiens gewone werkzaamheden in den aanvang van den oorlog waren verminderd, heeft zijne medewerking gegeven daar, waar onrechtmatige afbestellingen werden gedaan of waar afgezonden goederen werden geweigerd. In het bijzonder raag er op gewezen worden, dat, toen in Zweden vrij algemeen alles geweigerd werd, wat verzonden was, de aanschrijvingen van den Bond hebben medegewerkt, dat alles ten slotte is aangenomen.

Op het einde van het jaar heeft de Bond zich in het bijzonder beziggehouden met het verkrijgen van buitenlandsche verloven voor reizigers, die onder de wapenen waren. Met ingenomenheid mag geconstateerd worden, dat de Bond al zijne aanvragen heeft zien ingewilligd, terwijl over de meeste verzoeken, die buiten den Bond zijn ingediend, zijn advies door den Minister van Oorlog is gevraagd.

De Bond heeft zich getoond een centrum van de belangen der exporteurs en het is te verwachten, dat de bandon, die deze aan den Bond verbinden, sterker zullen zijn aangehaald.

Uit de hieronder gegeven cijfers valt op te merken, dat, ofschoon het aantal verstrekte informaties en het aantal behandelde zaken benevens het geïnde bedrag minder zijn geweest dan in 1913, toch de getallen van alle andere jaren zijn overschreden, zoodat ook de Bond over deze werkzaamheden tevreden mag zijn.

De het vorig jaar begonnen pogingen om te zamen met het Bloembollenkweekers Genootschap te geraken tot eene afdoende bestrijding van den handel in afgesneden bloemen zijn voortgezet en eene overeenkomst is tot stand gekomen, waartoe bijna alle belanghebbenden zijn toegetreden en waarbij zij zich verbonden hebben geen hyacinthen-bloemen meei te verknopen en te verzenden. De overeenkomst zal eerst in 1916 in werking treden, zoodat in het volgende jaarverslag over de resultaten geoordeeld zal kunnen worden.

Alvorens nu over te gaan tot het geven van de gewone cijfers, wensch ik met een enkel woord het in 1914 overleden Bestuurslid, don Heer H. van Tellingen, te herdenken. Als bij allen, met wie hij verbonden was, heeft de Heer van Tellingen ook in den Bond eene ledige plaats achtergelaten, die niet gemakkelijk te vervullen is. Zijn verlies wordt diep gevoeld en de herinnering aan zijne krachtige en eerlijke persoonlijkheid zal lang in eere blijven.