is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 55, 1940, no 1

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Marineblad

onderzeebooten bij dag verder onmogelijk. Het Tauchbekken moest worden opgeheven, omdat het duiken onder de versperringen, door de invoering van de nieuwe Engelsche mijnensoort, te gevaarlijk was geworden. Bovendien was dit Tauchbekken veel te groot en lag het te ver naar buiten om het geregeld schoon te kunnen houden. Het voorstoomen door sperbrekers bleek tot groote verliezen aan volgschepen aanleiding te geven. Daarbij stelde de onbeperkte onderzeeboothandelsoorlog zeer zware eischen aan den MVD.

Men zag zich nu genoodzaakt om, naast den gewonen zoek- en opruimingsdienst, een voorstoomgeleide in het leven te roepen, hetwelk in staat was uitgaande onderzeebooten bij nacht geheel onopgemerkt vanaf de Duitsche havens (meestal Helgoland) veilig tot buiten den spergordel te brengen en inkomende booten van buiten af naar hun basis te geleiden. Deze organisatie groeide in den loop van den tijd uit en had in 1918 een sterkte van 39 vooroorlogsche torpedobooten en A-booten en 66 visschersvaartuigen.

Dit is de MVD., zooals deze zich in de Duitsche Marine heeft ontwikkeld. Voor welk een zware taak deze zich geplaatst zag, werd reeds met enkele woorden aangegeven. De hoofdopgave was, den onderzeeboothandelsoorlog, waarop zulke groote verwachtingen voor de uiteindelijke overwinning gevestigd waren, mogelijk te maken. Hierin is men volkomen geslaagd. Ondanks de Engelsche tegenwerking en het reusachtige aantal van 43000 mijnen, dat gedurende den oorlogstijd in de Duitsche Bocht geworpen werd, heeft het uit- en invaren nimmer gestokt en zijn de verliezen aan onderzeebooten aldaar minimaal gebleven. De materieele en personeele verliezen der mijnenveegstrijdkrachten waren zeer zwaar. Juiste cijfers zijn mij niet bekend; de naam „Himmelfahrtscommando", welke men in de Duitsche Marine aan haar mijnenveegdienst gaf, zegt genoeg.

„Den Minensuch- und Geleitfahrzeugen gebürt ein groszes Verdienst an der Möglichkeit der Durchführung des U-Bootkrieges. Sie haben viele Verluste auf sich genommen, die sonst die U-Booten erlitten hatten. Das hat sie aber nicht gehindert, ihrem gefahrvollen Dienst mit gleicher Zuverlassigkeit jahraus jahrein und allen Unbilden der Witterung trotzend obzuliegen. Unerschrockenheit und seemannisches Geschick zeichneten Offiziere und Manschaften dieser Waffe vor allen andere der Marine aus". Aldus de appreciatie van den Opperbevelhebber, den Admiral Scheer.

(Slot volgt).

20