is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 15, 1886 (2e deel) [volgno 5]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

273

schatkist, waarvan zij, het kan niet genoeg herhaald worden, een deel uitmaken.

Van den anderen kant zullen de spoorwegambtenaren bij die tariefregeling wel toezien dat die opbrengst zooveel mogelijk wordt opgevoerd, en de Staats-exploitatie dus zoo direct productief mogelijk worde gemaakt, tenzij men a priori aanneemt dat het hun aan de noodige toewijding mocht ontbreken.

De geachte recensent merkt echter zelf op, „dat het heir„ leger van ambtenaren en beambten er in den regel op uit „is om de belastingen zoo productief mogelijk te maken, en „in het stijven der schatkist dikwijls nog ijveriger is dan „de particulier in het najagen van eigen voordeel;" welnu, waarom zou nu hier, waar ook Staatsambtenaren een spoorweg exploiteeren, om weer zijne eigen woorden te gebruiken:

„ Staatsbemoeienis bestendig aan nonchalance lijden en daardoor voordeelen derven, die de particuliere ijverzucht altijd „ weet machtig te worden

Staatsbemoeienis kan groot nadeel geven, dat geef ik toe, als zij ten minste in verkeerde richting werkt; maar daarom kan zij, speciaal in eene kolonie, toch nog niet gemist worden ; veel hangt af van wetten en besluiten en regelingen, maar nog meer van hem die ze uitvoert.

En hiermede mag ik Uwe redactie dank zeggen voor de mij afgestane ruimte: ik zou daarvan misbruik maken, indien ik ook de beschouwingen verder volgde van den heer van Soest daar waar hij, wat de door mij aanbevolen lijn Magelang—Semarang betreft met mij van meening verschilt.

Ik ben Uwe redactie dank schuldig voor de aandacht welke zij aan mijne brochure heeft geschonken.

Met de grootste voldoening zag ik dat een bekwaam en

18

II.